đ MICHIEL (28) KRIJGT ZĂLF HET LAATSTE WOORD OP ZIJN UITVAART: Zijn stem klinkt plots door de Cegeka Arena â en één zin breekt de stilte volledig

In de Genkse Cegeka Arena vond maandagnamiddag de afscheidsplechtigheid van Michiel Vandeweert (28) uit Diepenbeek plaats. Nadat zijn ouders, zijn zus Amber en ook zijn goede vriend William Boeva het woord hadden genomen, kon de eer van het slotwoord maar aan één iemand toekomen: Michiel zelf. In een emotionele videoboodschap sprak hij zijn nabestaanden in het stadion en de honderdduizend mensen die thuis meevolgden een allerlaatste keer toe.
Vlaanderens bekendste progeriapatiĂ«nt was een grote fan van KRC Genk en zijn afscheid vond deze namiddag dan ook plaats in het stadion van de Limburgse voetbalclub. Tijdens de ceremonie, die door 2.500 mensen werd bijgewoond en voor zoân 100.000 anderen werd gelivestreamd, kwamen verschillende sprekers aan bod die Michiel liefhadden.
Zo kregen de aanwezigen meermaals een krop in de keel door de woorden van Michiels ouders, zijn zus Amber en ook zijn goede vriend William Boeva.
Pakkende slotboodschap
Maar voor het slotwoord was de eer aan Michiel zelf. In een videoboodschap die hij achterliet, sprak hij zijn naasten een allerlaatste keer toe. Heel het stadion werd stil toen Michiels stem nog één keer weerklonk. âIk weet niet of ik zelf nog iets zou willen zeggen als ik er niet meer benâ, begint hij zijn slotboodschap.
âIk hoop gewoon dat de mensen die achterblijven weten hoe graag ik hen heb gezien en hoe belangrijk ze voor mij zijn geweest. Je kan nooit genoeg tegen iemand zeggen dat je die graag ziet, en je kan nooit iemand vaak genoeg een knuffel geven.â
âAls iemand er niet meer is, denk je altijd: âKon ik nog maar eens.â Dus probeer niet bezig te zijn met âWat wil ik nog zeggen?â, want het is altijd te weinig. Ik denk dat je nooit op een moment of gevoel komt van: het is genoeg. Dat gaat er nooit zijn als je iemand graag ziet.â
âIk hoop vooral dat de mensen die achterblijven gewoon weten dat ik hen heel graag heb gezienâ, besluit Michiel. âDat ik ze heel dankbaar ben voor alles wat ze voor mij hebben gedaan. Maar ik ben er zeker van dat de mensen die dat moeten weten, dat ook gaan weten.â



